dinsdag 2 februari 2016

De Maagdentoren in Zichem

De Maagdentoren ligt in Zichem. Dit is een deelgemeente van Scherpenheuvel-Zichem en behoort tot de provincie Vlaams-Brabant en de streek genoemd het Hageland. De Maagdentoren is bereikbaar via de Markt van Zichem (volg de toegangsweg naast het historische Tolhuis) of via de Ernest Claestraat 60 te 3271 Zichem. Vanop de toren kan men genieten van een panoramisch zich over de demervallei.

OPENINGSUREN

op weekdagenop zaterdagen, zondagen en feestdagen
van 1 april tot 1 juligesloten10.00 u. tot 17.00 u.
van 1 juli tot 1 september10.00 u. tot 17.00 u.10.00 u. tot 17.00 u.
van 1 september tot 1 novembergesloten10.00 u. tot 17.00 u.
van 1 november tot 1 aprilgeslotengesloten


  

De Maagdentoren werd op het einde van de 14de eeuw gebouwd door Reinier II van Schoonvorst, heer van Zichem. Cirkelvormige donjons (woontorens of meestentorens) zijn zeldzaam in ons land. Voor Vlaanderen beperkt het bestand zich, behalve de Maagdentoren te Zichem, tot de torens van Diepenbeek (ca. 1450), ’s Gravenwezel (eerste helft 16de eeuw) en Leut. Geen enkele van de hierboven aangehaalde voorbeelden kan de vergelijking doorstaan met de Zichemse Maagdentoren op het vlak van de verfijnde architecturale kwaliteiten van het interieur.

Wanneer men op zoek gaat naar vergelijkbare voorbeelden in Europa dan komt men onvermijdelijk uit bij de zgn. “philippijnse torens”, gebouwd onder en vaak (maar niet altijd) op initiatief van de Franse koning Philippe Auguste tussen 1185 en 1225. De belangrijkste voorbeelden zijn de torens van het Louvre (Paris), Coucy-le-Château, Dourdan, Villeneuve-sur-Yonne, enz. Ook na 1225 zijn echter nog torens gebouwd naar dit model.

De “philippijnse toren” bestaat over het algemeen uit drie verdiepingen boven een volle sokkel met kegelvormige voet. Deze toren had wel meestal, juist zoals bij de Maagdentoren, zijn eigen gracht. De bewoningskwaliteiten van deze torens waren eerder beperkt en zeker niet geschikt als woontoren voor de koning. Veeleer vormden deze torens met weliswaar ook een aantal defensieve karakteristieken het symbool van de koninklijke macht.

De aarzeling die men vaststelt betreffende het onderling belang van de woonkwaliteiten, de defensieve karakteristieken en de symbolische betekenis van de “philippijnse torens” is zonder meer ook van toepassing op de Maagdentoren te Zichem.

Hoewel de toren door de aanwezigheid van minstens vijf schouwen en één (!) latrine in principe wel zou kunnen bewoond zijn geworden, duikt het eerste probleem al op ter hoogte van de eerste verdieping, waar men de drie “deur-vensters” eigenlijk zou moeten openen om licht in de meest prestigieuze zaal te laten vallen. Bovendien kan men ook de pertinente vraag stellen waarom men nog zo een woontoren zou hebben gebouwd als er vlak naast een volledig uitgebouwd versterkt kasteel bestond. De uitzonderlijke kwaliteiten van dit bouwwerk en vooral dan van het interieur, dat gemakkelijk de vergelijking kan doorstaan met de religieuze architectuur van die tijd, suggereren zeer sterk dat de eerste reden waarom de toren op het einde van de veertiende eeuw werd gebouwd er een was van machtsvertoon en symboliek.

Een andere interessante vraag is waarom men in Zichem pas op het einde van de 14de eeuw een gelijkaardige toren zou hebben gebouwd,  als de “philippijnse torens” reeds 150 jaar eerder in de mode waren, m.a.w. bestaat er wel een verband tussen de “Philippijnse torens” en de Maagdentoren? Mogelijk dient het verband te worden gezocht in de torens van het 13de-eeuwse kasteel van Zichem. Misschien was de invloed van de koninklijke Franse architectuur al merkbaar in deze versterkte burcht en lag de rechtstreekse inspiratie voor de architectuur van de Maagdentoren dan ook in zijn voorgangers ter plaatse. (Tekst: F. Doperé)

De toren heeft een regelmatige cilindrische vorm. De buitendiameter is 15 meter. De toren heeft een hoogte van 26 meter. De dikte van de muren is aan de basis 4,2 meter en bovenaan 1,8 meter.
 
(Tekening F. Doperé)
De gevelwanden zijn opgetrokken in ijzerzandsteen met kalkzandmortel. Hier en daar zijn er baksteenvullingen te zien, maar dit is het gevolg van latere verbouwingen.
Over de hele omtrek zijn verschillende raam- en deuropeningen aanwezig, vaak deels beschadigd. Twee spitsboogvormige nissen sierden de gevel. Slechts eentje overleefde de instorting van 1 juni 2006.

   

De donjon bestaat uit verschillende verdiepingen. De gelijkvloerse verdieping is de eigenlijke kelder van de toren, die dienst deed als bergruimte.

Hierboven, op de eerste verdieping, bevindt zich de ontvangstruimte. Het grondplan ervan is achthoekig en de ruimte wordt door een achtdelig kruisribgewelf. De gordelbogen en kruisribben worden opgevangen door kraagstenen. Deze consoles stellen hurkende en stuttende figuren voor met een boek of snaarinstrumenten in de handen.

Op de sluitsteen de sluitsteen van het gewelf staat het wapenschild van de bouwheer van de Maagdentoren, Reinier II van Schoonvorst, heer van Zichem.
 
Uniek is het gotische loofwerk dat langs de kruisribben en gordelbogen op de gewelfvlakken werd geschilderd. Het is bruinrood tot roestkleurig.
 
De vloer werd wellicht verwijderd in de loop van de 18de eeuw. Naast twee haarden bevinden zich vier nissen in dit vertrek. De kleinste deed dienst als lampnis; de grotere waren muurkasten. De wanden zijn opgetrokken in baksteen soms onderbroken door een laag ijzerzandsteen. De inrichting van de kamer was vergelijkbaar met deze van een ridderzaal in een Middeleeuwse burcht.
 (Tekeningen F. Doperé)
Door het verdwijnen van de spiltrap aan de buitenkant van de toren, waren de tweede en derde verdieping sinds eeuwen niet meer toegankelijk. Boven de ontvangstniveau lagen de residentiële vertrekken. Op de tweede verdieping is er eveneens een achtdelig kruisribgewelf, maar zonder gebeeldhouwde consoles en sluitsteen. De twee haarden zijn identiek aan deze op de eerste verdieping. Zeven lampnissen dienden de ruimte te verlichten. De enige latrine van de Maagdentoren was ook hier terug te vinden. Via een deuropening bereikte men een trapkoker, uitgespaard in de muurdikte. Een splitrap gaf toegang het hoger gelegen slaapvertrek. Van dit derde niveau is enkel nog een deel van de muren bewaard gebleven. Ze vertoonden sporen van één haard en twee nissen.


De Maagdentoren stortte op 1 juni 2006 gedeeltelijk in, werd gerestaureerd door de Vlaamse overheid en opnieuw geopend op 13 september 2015. De Maagdentoren kreeg een bestemming als uitkijktoren met panoramisch zicht over het Demerlandschap. De toren is zo een attractiepool op het provinciaal fiets- en wandelnetwerk.